Van Costa Brava tot Casa Rosso

Veel Amsterdammers zouden de Nederlandse regen ongetwijfeld graag verruilen voor de Spaanse zon. In het geval van de 23-jarige Max Meser was het andersom. De zanger met evenveel nationaliteiten als singles verruilde in 2012 de Costa Brava voor de Nederlandse hoofdstad. Daar verdwenen de donderwolken als sneeuw voor de zon.

Max Meser Juliana is de zoon van een Catalaanse moeder en een Nederlandse vader. Wie niet beter weet zou echter denken dat hij met een Brit te maken heeft. Meser woont met zijn familie in het dorpje Figueres, de geboorteplaats van kunstenaar Salvador Dalí, vlakbij Barcelona. Al snel ontpopt Meser zich tot de beste mondharmonicaspeler in de wijde omtrek. Hij denkt er zelfs over om een tribute band op te richten voor mondharmonica- en bluesicoon Little Walter.

Zo’n vaart loopt het niet. Meser komt terecht in het bandje The Spoonfuls, samen met zijn Britse boezemvriend en gitarist Isaac Wadsworth. Al snel blijkt echter dat de kansen om op te treden aan de Costa Brava net zo schaars te zijn als regenwolken. De grote stad, Barcelona, is voor de tieners op dat moment nog wat te ver weg. Die regenwolken? Die pakken zich samen boven de prille carrière van Max Meser als de leden van zijn begeleidingsband tot overmaat van ramp verhuizen.

Spanje wordt in die periode geplaagd door de economische crisis en baantjes liggen voor jong volwassenen als Max niet voor het oprapen. Daarom neemt de jongeling iets anders ter hand: zijn akoestische gitaar. Meser verdient zijn geld als straatmuzikant op de toeristische boulevards, maar de belangstelling voor zijn eigen materiaal is niet of nauwelijks aanwezig. Bijna iedere dag studeert Max een nieuwe cover in. Bob Dylans One More Cup of Coffee en Neil Youngs Old Man groeien uit tot ware publieksfavorieten, terwijl het materiaal van The Beatles de basis vormt als Meser en Wadsworth de boulevardbühnes als duo aandoen. Onbewust begint Meser zich als een vis in het water te voelen in de zee van songstructuren, riffs en hooks. Op een dag hapt een Spaans managementbedrijf toe: de dan 19-jarige Max Meser tekent een artiestencontract. De maatschappij in kwestie is echter niet van plan de carrière van de zanger op de rails te zetten, zo blijkt al snel. De trein lijkt opnieuw te ontsporen…

Líjkt, want al snel heeft Max weer beet. De familie Meser krijgt bezoek van Jan van Dorsten, eigenaar van vinylverzamelaarsparadijs Record Palace aan de Amsterdamse Weteringschans. Van Dorsten is een oude vriend van Max’ moeder, die in de jaren zeventig in Delft woonde. Als hij bij de Mesertjes op visite is, naar aanleiding van de platenbeurs van Barcelona, nodigt hij Max uit om tijdens Record Store Day 2012 op te komen treden in zijn winkel. Meser slaat zijn spaarvarken stuk, schraapt het geld bij elkaar en koopt een enkeltje Amsterdam. Op 21 april 2012 vertrekt hij naar Nederland.

Dat baantje waarnaar hij op zoek was, dat vindt hij in onze hoofdstad al snel. Van de Costa Brava verkast Max Meser naar Casa Rosso, het beruchte gok- en sekscentrum op de Amsterdamse Wallen. Max kent de tent al. Niet omdat hij er een vaste gast is, maar omdat zijn vader er in de jaren zeventig manager was. Die baan ambieert Meser junior niet: hij verzorgt in Casa Rosso de drankjes, maar óók de microfoons en de belichting voor de stripshows.

Een van zijn collega’s aan de Oudezijds Achterburgwal heet Jan de Bliek, drummer van het Rotterdamse Swining Soul Machine. Hij laat de kersverse barman veel muziek horen en maakt hem daarnaast wegwijs in de Nederlandse muziekindustrie. Al snel zet Meser de volgende stap binnen die industrie. Bij een optreden van Liam Gallaghers oude britpopband Beady Eye ontmoet hij Phil Tilli (ex-Moke), die zijn manager wordt, en producer Matthijs van Duijvenbode (o.a. Tim Knol en Douwe Bob).

Voor Van Duijvenbode de eerste single van Max Meser kan produceren, heeft de Spaanse Nederlander echter een band nodig. Drumster Gini Cameron en bassist Mano Hollestelle helpen Max in het zadel als ritmetandem. Isaac Wadsworth maakt maar al te graag de oversteek om de band als gitarist te completeren. Met hem heeft Meser door de jaren heen een – zoals hij het zelf noemt – ‘Lennon/McCartney klik’ ontwikkeld. Max Meser en de zijnen worden getekend door PIAS. Op 9 oktober 2015 is het resultaat daar met eerste single Weak For Love, die gepresenteerd wordt in – hoe kan het ook anders – Cassa Rosso! In de bijgaande video zijn glansrollen weggelegd voor barman Tim Knol (0:01) en nietsvermoedende passant Douwe Bob (1:42).

Op het moment dat Weak For Love uitkomt, bevindt Max Meser zich op de helft van zijn tour met de Popronde 2015. De jaren daarvoor oefende Max zijn liedjes in iedere platenzaak en bij elke talentenjacht. Het harde werk werpt eindelijk zijn vruchten af. En die zijn zoet. In de laatste maanden van 2015 volgen bijvoorbeeld nog Popronde-shows in Groningen, Utrecht, Enschede en Amsterdam, op het eindfeest van het rondreizende festival. Max groeit tijdens de tour uit van verlegen ventje met een akoestische gitaar tot een sympathieke ster die vergroeit lijkt te zijn met zijn Fender.

Dat merkt Nederland op. Max Meser staat op Noorderslag 2016 en gaat twee volledige tours als voorprogramma mee met Douwe Bob. Bij die shows wordt Meser avond aan avond bij een nummer op het podium gevraagd om te assisteren op de mondharp, een neefje van de mondharmonica.

Uiteindelijk ontkomt Max Meser er niet aan de studio weer in te duiken. Nadat hij in maart 2016 zijn tweede single One Day heeft uitgebracht, komt hij op 8 april met zijn volwaardige debuutalbum Change. Het album is opnieuw geproduceerd door Matthijs van Duijvenbode. De foto op de hoes is gemaakt door Tim Knol. De naam Change verwijst niet alleen naar Mesers verhuizing van Spanje naar Nederland, maar ook naar de stilistische muzikale verandering die hij in Amsterdam ondergaat. De blues maakt namelijk meer en meer plaats voor The Beatles! Bob Dylan en Neil Young? Nee, Max Meser bevindt zich op Change vooral tussen Jake Bugg en Miles Kane.

Op het gebied van sound houdt dat in dat Max Meser zich met zijn sixtiespop ergens tussen stoffig en sexy nestelt. In navolging van bands als Temples en Tame Impala vormt Max Meser de moderne inhoud van het begrip tijdloosheid. Het concert dat hij op 12 mei in EKKO geeft, bezoek je net zo makkelijk met je vriendin als met je vader!

Het zou zomaar een van de laatste kansen kunnen zijn om Max Meser in zo’n knusse setting te zien, want alles wijst erop dat we voorlopig nog niet van de Spaanse señor af zijn. Hoewel een Catalaanse krant recentelijk wat aandacht besteedde aan Max’ succes, lijkt hij zich op dit moment vooral thuis te voelen in Nederland. Zijn Spaanse vrienden herkenden hem nauwelijks, bij een feestje op Oudjaarsavond. Gelukkig heeft Max de afgelopen jaren in rap tempo nieuwe vriendjes gemaakt in de Nederlandse media. Zijn opmars, die is pas net begonnen. The Times They Are a-Changin’ zingt Bob Dylan in 1944. Anno 2016 heeft Max Meser het tij inderdaad met succes gedwongen te keren: Change!

Geschreven door Dirk Baart